ANBI

ANBI

De Christelijke Gereformeerde kerk te ‘s-Hertogenbosch is een geloofsgemeenschap die behoort tot de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland. De Christelijke Gereformeerde Kerken hebben geen statuten. Hun statuut (in de zin van artikel 2:2 lid 2 BW) is hun kerkorde. Deze gemeente is een zelfstandig onderdeel als bedoeld in artikel 2 boek 2 Burgerlijk wetboek en bezit rechtspersoonlijkheid. De kerkorde van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland bevat o.m. bepalingen omtrent het bestuur, de financiën, toezicht en (tucht)rechtspraak die gelden voor de kerkleden, de gemeenten en andere onderdelen van deze kerk. Deze kerkorde is te vinden op de website van de landelijke kerk: cgk.nl/kerkorde.
De Christelijke Gereformeerde Kerken hebben van de Belastingdienst een groepsbeschikking ANBI gekregen. Dat wil zeggen dat de afzonderlijke gemeenten en andere instellingen die tot dit kerkgenootschap behoren zijn aangewezen als ANBI. Dit is ook van toepassing op de Christelijke Gereformeerde kerk te ‘s-Hertogenbosch.

A. Algemene gegevens

ANBI naam: Christelijke Gereformeerde Kerk te ‘s-Hertogenbosch e.o.
RSIN/Fiscaal nummer: 809570956
Website: www.cgkdenbosch.nl
E-mail: scriba@cgkdenbosch.nl
Adres kerkgebouw: Zuiderparkweg 46, 5216 HC ‘s-Hertogenbosch
Postadres: De Meikers 3, 5328 GN Rossum

B. Samenstelling bestuur

Het bestuur van de kerkelijke gemeente ligt bij de kerkenraad en wordt gevormd door de ambtsdragers van deze gemeente. In onze gemeente telt de kerkenraad 5 leden, die worden gekozen door en uit de leden van de kerkelijke gemeente. De commissie van beheer/penningmeester is verantwoordelijk voor het beheer van de financiële middelen en het kerkgebouw van de gemeente, met uitzondering van diaconale aangelegenheden. De kerkenraad is eindverantwoordelijk, wat tot uitdrukking komt in de goedkeuring van o.a. de begroting en de jaarrekening.

C. Doelstelling/visie

De Christelijke Gereformeerde Kerken erkennen de Belijdenis des Geloofs van de gereformeerde kerken in Nederland, de Heidelbergse Catechismus en de Leerregels van de synode van Dordrecht, gehouden in 1618 en ’19 als de volledige uitdrukking van hun geloof. Dit vormt de basis van haar kerkstructuur, haar organisatie, haar kerkrecht, haar kerkelijk leven en haar financiën.
1 – De Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland zijn overeenkomstig haar belijden gestalte van de ene heilige apostolische en katholieke of algemene christelijke Kerk die zich, delend in de aan Israël geschonken verwachting, uitstrekt naar de komst van het Koninkrijk van God.
2 – Levend uit Gods genade in Jezus Christus vervult de kerk de opdracht van haar Heer om het Woord te horen en te verkondigen.
3 – Betrokken in Gods toewending tot de wereld, belijdt de kerk in gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als enige bron en norm van de kerkelijke verkondiging en dienst, de drie-enige God, Vader, Zoon en Heilige Geest.

D. Beleidsplan

Het beleidsplan 2017 van de Christelijke Gereformeerde Kerken kunt u hier vinden.

E. Beloningsbeleid.

De beloning van de predikant(en) van onze gemeente wordt mede geregeld volgens advies van deputaten financiële zaken, ingevolge art. 4 bijlage 36 (art. 50 K.O.). Advies inzake de minimum predikantstraktementen en overige emolumenten voor de predikanten kunt u hier vinden.
Leden van kerkenraden, colleges en commissies ontvangen geen vergoeding voor hun werkzaamheden. Alleen werkelijk gemaakte onkosten kunnen worden vergoed.

F. Verslag Activiteiten.

De kerkenraad heeft de algemene eindverantwoordelijkheid voor het in stand houden van een levende gemeente. Dat doet zij door zoveel mogelijk gemeenteleden in te schakelen bij het plaatselijk werk. Enkele taken zijn conform de kerkorde gedelegeerd aan de diaconie. Diverse activiteiten vinden plaats onder verantwoordelijkheid van commissies en werkgroepen, zoals de commissie van beheer, evangelisatiecommissie etc.

G. Voorgenomen bestedingen.

De verwachte bestedingen (begroting) sluiten als regel nauw aan bij de rekeningen over de voorgaande jaren. Het plaatselijk kerkenwerk (of kerk-zijn) vertoont een grote mate van continuïteit: de predikanten of andere werkers verrichten hun werkzaamheden, kerkdiensten worden gehouden en ook andere kerkelijke activiteiten vinden plaats. In de kolom begroting in het overzicht onder H. is dit cijfermatig in beeld gebracht.

H. Verkorte staat van baten en lasten met toelichting.

Onderstaande staat van baten en lasten geeft via de kolom begroting inzicht in de begrote ontvangsten en de voorgenomen bestedingen in het verslagjaar. De kolom rekening geeft inzicht in de daadwerkelijk gerealiseerde ontvangsten en bestedingen. De voorgenomen bestedingen voor het komende jaar zullen niet sterk afwijken van de voorgenomen bestedingen van het verslagjaar.

Exploitatierekening

  BegrotingRekeningRekening
Totaal baten - lasten€ 0€ 4.448€ 4.314
201720172016
Baten
Opbrengst uit bezittingen€ 350€ 189€ 364
Bijdragen gemeenteleden€ 37.200€ 44.465€ 44.165
Subsidies en overige bijdragen van derden€ 1300€ 1365€ 830
Totaal baten€ 38.850€ 46.019€ 45.359
Lasten
Bestedingen pastoraat (gastpredikanten) € 11.000€ 12.598€ 9.911
Bestedingen kerkdiensten, catechese en gemeentewerk € 15.050€ 15.091€ 17.567
Bestedingen aan andere organen binnen kerkverband € 6.782€ 7.027€ 6.722
Lasten kerkelijk gebouw (incl. afschrijvingen) € 4.897€ 5.384€ 4.745
Lasten beheer en administratie€ 1.121€ 1.470€ 2.100
Totaal lasten€ 38.850€ 41.571€ 41.045

 

Toelichting

Kerkgenootschappen en hun onderdelen zorgen in Nederland zelf voor de benodigde inkomsten voor hun activiteiten. Aan de kerkleden wordt elk jaar via vrijwillige bedragen gevraagd om hun bijdrage voor het werk van de kerkelijke gemeente waartoe zij behoren. Een groot deel van de ontvangen inkomsten wordt besteed aan pastoraat, in de vorm van salarissen voor de (gast)predikant en aan de organisatie van kerkelijke activiteiten. Daarnaast worden de ontvangen inkomsten besteed aan het in stand houden van het kerkgebouw, benodigd voor het houden van de kerkdiensten (zoals onderhoud, energie, belastingen en verzekeringen) en bijdragen voor het in stand houden van het landelijk werk.